Skip to main content

Het kabinet kondigde op Prinsjesdag een prijsplafond aan om energierekeningen betaalbaar te houden. Hierbij wordt de prijs van gas en elektriciteit gemaximeerd, voor zover het gebruik onder een bepaalde volumegrens blijft. Door het plafond wordt de prijs van gas veel verder verlaagd dan die van elektriciteit. Het gevolg: verwarming met een warmtepomp wordt honderden euro’s per jaar duurder dan met een gasketel.

Het prijsplafond moet op 1 januari 2023 ingaan, maar het is de bedoeling dat energiebedrijven de rekening voor huishoudens al in november verlagen. Vergelijkingssite Slimster rekende uit wat de gevolgen zijn voor een gemiddeld huishouden met een cv-ketel, hybride warmtepomp of all-electric warmtepomp. Voor het berekenen van zowel de huidige als aanstaande situatie gebruikte het platform de gemiddelde tarieven die de drie grootste energieleveranciers in hun modelcontracten hanteren. Verder ging Slimster uit van het gemiddelde energiegebruik dat Milieu Centraal noemt.

Groot verschil tussen stroom en gas

Opmerkelijk is dat het tariefverschil tussen de huidige modelcontracten en het aanstaande plafondtarief voor stroom slechts 24 procent bedraagt, en voor gas 65 procent. Dat grote verschil tussen stroom en gas komt duidelijk terug in de energiekosten die Slimster heeft berekend. Uit de rekensommen blijkt dat het prijsplafond ertoe leidt dat voor huishoudens met een cv-ketel de energierekening ruimschoots zal halveren. Voor wie een hybride warmtepomp heeft, gaat de rekening zo’n 31 procent omlaag, terwijl de rekening bij een all-electric warmtepomp met slechts 10 procent afneemt.

Duurder uit dan met gas

Het resultaat is dat warmtepompbezitters straks met een hogere energierekening zitten dan wie zijn huis nog met een gasketel verwarmt. Een gezin met een hybride warmtepomp bespaart in de huidige situatie gemiddeld 1.417 euro per jaar ten opzichte van een cv-ketel, en wie een all-electric warmtepomp heeft, is gemiddeld 2.361 euro per jaar goedkoper uit. Na invoering van het prijsplafond blijft van dat voordeel niks meer over. Sterker; met een hybride of volledig elektrische warmtepomp zijn huishoudens straks respectievelijk 524 en 871 euro per jaar duurder uit dan als ze hun huis met gas zouden verwarmen.

Zonnepanelen dempen effect

Slimster vermoedt dat het prijsplafond op energie ertoe zal leiden dat veel mensen de aanschaf van een warmtepomp voorlopig gaan uitstellen. Dat geldt uiteraard niet zo snel voor huishoudens met zonnepanelen die een fors deel van hun elektriciteitsverbruik kunnen wegstrepen. Volgens Slimster tonen zonnepanelen-eigenaren de laatste tijd bovendien veel interesse in airco’s. Niet alleen om ‘s zomers te kunnen koelen, maar ook om ‘s winters te kunnen bijverwarmen, zodat de thermostaat voor het hele huis omlaag kan en de airco bijvoorbeeld de woonkamer behaaglijk houdt.

Reactie vanuit het kabinet

De bijeffecten van het prijsplafond leidden ook tot vragen in de Tweede Kamer. In een brief heeft minister-president Rutte hier inmiddels op gereageerd. Volgens Rutte wijkt het energiegebruik van woningen met warmtepompen of een warmtenetaansluiting (waarbij het prijsplafond ook een relatief negatief effect kan hebben) sterk af van het gemiddelde. “In de zeer korte tijd waarin dit kabinetsvoorstel uitgewerkt moet worden, zal zoveel mogelijk rekening gehouden worden met deze gevallen om te realiseren dat de meeste huishoudens volledig onder het plafond komen en zekerheid krijgen over de energierekening”, meldt Rutte.

‘Warmtepomp blijft goede investering’

Daarbij stelt hij dat het prijsplafond een tijdelijke maatregel is die tot 31 december 2023 geldt, terwijl de ‘investeringshorizon’ voor een (hybride) warmtepomp grofweg vijftien tot twintig jaar omvat. Rutte: “De beschikbare subsidie in combinatie met de huidige hoge marktprijzen leidden tot een positieve businesscase gedurende de levensduur. Het is aannemelijk dat ook met het tijdelijke prijsplafond een (hybride) warmtepomp een goede investering blijft.” Het kabinet deelt dus niet het vermoeden dat het prijsplafond tot uitstel van de aanschaf van warmtepompen zal leiden. In dat kader wijst Rutte er ook op dat de meeste nieuwe warmtepompen worden geïnstalleerd in woningen met een bovengemiddeld gasgebruik: “Het prijsplafond is zo ingericht dat in deze gevallen de verduurzamingsprikkel van kracht blijft.”