Skip to main content

Een nieuw Belgisch bedrijf heeft een collectief klimaatsysteem ontwikkeld voor woon- of zorgcomplexen vanaf zo’n vijftien woningen. In het systeem wordt een collectief lagetemperatuurnet gecombineerd met boosterwarmtepompen in de woningen.

Het Sustainable Energy Distribution System (SEDS), zoals het collectieve klimaatsysteem heet, heeft voor het lagetemperatuurnet een bron nodig. Dat kan van alles zijn: grondwarmte, waterstof of aardgas. Vanaf deze collectieve bron haalt elk appartement via een kleine boosterwarmtepomp met een elektrisch vermogen van 500 watt zijn warmte of koude binnen.

Centrale aansturing

De boosterpomp staat in elke woning op zichzelf. Het gebouw heeft ook centrale aansturing, zodat het systeem als geheel kan reageren op bijvoorbeeld zonnig weer, waarbij het gunstig is om zoveel mogelijk opgewekte energie te gebruiken. Dat is ook in België voordelig vanwege de salderingsregeling. Daarnaast kan het systeem specifiek reageren als veel mensen op hetzelfde moment douchen. De kringloop in huis is via een stooklijn aan de buitentemperatuur gerelateerd, tussen 17 ˚C bij warm weer en 40 ˚C op winterdagen.

Kleinere collectieve bron

Verder heeft elke woning of appartement een buffertank van 220 liter die tot 65 ˚C kan worden opgewarmd. De combinatie van de grote warmtebuffer, lage temperaturen en collectiviteit maken het systeem zeer efficiënt. Seppe van Hout van SEDS: “We hoeven geen water van 65 graden over grote afstanden rond te pompen, wat verliezen zou opleveren. Ons systeem maakt het ook mogelijk de vloer te koelen in één appartement terwijl in het andere met de weggepompte warmte de buffertank wordt opgewarmd. Door die uitwisseling volstaat een veel kleinere collectieve bron. Hij zal zo’n 30 procent kleiner kunnen zijn dan bij een klassiek bodemenergie-opslagsysteem.” Er wordt ook veel minder energie gebruikt dan bij ‘gewone’ individuele warmtepompen. Uit berekeningen van bureau Sureal blijkt dat ten opzichte van de inzet van individuele lucht/water-warmtepompen een reductie van ruim 40 procent CO2-uitstoot per jaar kan worden bereikt.

SEDS-skid met warmtepomp.

Vat met twee spiralen

De individuele unit voor elk appartement wordt met standaardelementen in een frame van 58 x 58 x 220 cm gemonteerd. Als koudemiddel wordt R134a gebruikt, dat een GWP heeft van 1.430. Het systeem bevat aansluitingen voor vloerverwarming, de warmtepomp en een 220 liter groot buffervat. Dat vat wordt gebruikt voor warm tapwater, waarbij een spiraal dat door het vat loopt de warmte opneemt. Een tweede spiraal neemt warmte voor het verwarmingssysteem op.
“Het complete frame kan tijdens de bouw direct in een appartement worden ingebouwd. Dat geeft een kleiner risico op diefstal dan bij de standaard individuele warmtepomp”, aldus Van Hout. Naast de collectieve warmtebron en individuele units is ook een collectieve PV-voorziening voor het gebouw voorzien.

‘One stop shop’-leverancier

SEDS heeft nu negen man in dienst, inclusief de mensen die de systemen assembleren. Er lopen in België twee projecten, waarvan een project in Lier met 71 woningen zojuist is opgeleverd. Het bedrijf verwacht binnenkort een aantal andere projecten in België en Nederland op te starten. SEDS presenteert zich als ‘one stop shop’-leverancier die productie, berekening, monitoring op afstand en onderhoud van de systemen verzorgt.
Van Hout: “Er is veel vraag naar ons systeem, bijvoorbeeld van woningbouwcorporaties, fondsbeheerders en investeerders. Naast de belofte van lagere CO2-emissies is ons verkoopargument de Total Cost of Ownership, die we over een periode van 20 jaar 20 procent lager schatten dan die van een individuele warmtepomp.” Ook renovatieprojecten zijn mogelijk, afhankelijk van de manier waarop schachten in de complexen zijn aangebracht; die moeten groot genoeg zijn.