Skip to main content

De meeste hybride warmtepompen komen in de randgemeenten van de grote steden terecht. Dat blijkt uit analyse van ISDE-subsidie-aanvragen. Koperloper is Bilthoven, met negen warmtepompen per duizend inwoners.

In absolute aantallen worden in Amsterdam, Den Haag en Utrecht de meeste warmtepompen geïnstalleerd. Twee tot drie op de duizend inwoners van die steden hebben sinds 2016 een warmtepomp als (hybride) warmtebron laten plaatsen. Dat blijkt uit bestudering van meer dan 1.600 ISDE-subsidieaanvragen waar in opdracht van RVO en TKI Urban Energy onderzoek naar is gedaan. Hoewel in absolute aantallen Groningen (3,62 per duizend inwoners), Den Haag (2,02) en Amsterdam (1,44) koploper zijn, is omgerekend naar inwonertal het beeld sterk afwijkend.

Zeist koploper

De echte hotspots liggen net buiten de grote steden, blijkt uit analyse door Maarten Hommelberg van BDH. Uit randgemeenten als Bloemendaal, Zeist, Berkel en Rodenrijs en Bilthoven komen per hoofd van de bevolking de meeste subsidieaanvragen. “In Bilthoven meer dan negen aanvragen per duizend inwoners”, vertelde Hommelberg tijdens een webinar over de kostprijsanalyse van warmtepompen. Bilthoven steekt er met kop en schouder boven uit. Zeist (3,62 per duizend inwoers), Berkel en Rodenrijs (5,61) en Bloemendaal (5,48) zitten er beduidend onder.

Rijtjeshuizen onderaan de lijst

De meeste toestellen komen in vrijstaande woningen terecht, bijna zes op de tien. Twee-onder-1-kappers en hoekwoningen scoren zo’n 14 tot 15 procent. Rijtjeshuizen (11 procent) en appartementen (3 procent) staan onderaan in de lijst met subsidieaanvragen. Niet vreemd, vindt Peter Wagener van adviesbureau BDH. “Dat is het een beetje het effect van mensen die de plek hebben in en om de woning. En de middelen bezitten om de woning te verduurzamen. In woningen met een hoger energiegebruik is besparen gemakkelijker dan in een woning met een kleiner energiegebruik.”

Oppermachtige installateurs

De onderzoekers vonden nog een opvallende zaak: Er waren twee lokale installateurs die er qua aantallen uitsprongen met twee verschillende soorten warmtepompen. De één heeft zich gespecialiseerd in water/water-warmtepompen, de ander legde zich toe op lucht/water-warmtepompen. Beiden waren oppermachtig in hun vestigingsplaats. Meer dan 75 procent van de subsidieaanvragen kwamen op conto van één van de twee installateurs. Onderzoeker Maarten Hommelberg: “Ze zijn in staat om hun klanten te overtuigen dat de technologie waarvoor zij hebben gekozen de beste is om in de woning te plaatsen.”

Twee installatiepieken

In de particuliere woningbouw lopen de aanvragen sinds 2016 langzaam op, met een piek in 2019 en stabilisatie in 2020. In 2021 daalde het aantal ISDE-subsidieaanvragen licht. Voor 2022 verwacht BDH weer een stijging. De installatiedatum piekt vlak voor de zomervakantie en rond het einde van het jaar. “Dat vonden we wel opvallend.”