Het kabinet wil dat hybride warmtepompen in 2030 veertig procent goedkoper zijn dan in 2021. Volgens Frank Agterberg, voorzitter van de Vereniging Warmtepompen, is dat doel niet haalbaar. In het radioprogramma Zaken Doen van BNR Nieuwsradio legde hij uit waarom de prijzen niet zoveel kunnen dalen, maar waar wél winst te behalen valt.
Productie al op grote schaal
Het Actieplan Hybride Warmtepompen van het kabinet rekent op prijsverlaging door technische innovatie en groei van de markt. Agterberg noemt dat te optimistisch: “Warmtepompen worden wereldwijd al in zulke grote aantallen geproduceerd dat de prijs niet tientallen procenten meer kan dalen.”
Wel ziet hij ruimte om het installatiewerk goedkoper te maken. “Techniek Nederland werkt eraan om de installatietijd van hybride systemen te verkorten. Daardoor kunnen de installatiekosten omlaag.”
Korte terugverdientijd
Hoewel de investering nog steeds fors is, vindt Agterberg de terugverdientijd overtuigend. “Een gemiddeld huishouden gebruikt zo’n 1.200 m³ gas per jaar – dat kost bij de huidige prijzen rond de 3.000 euro. Met een all-electric warmtepomp dalen de variabele kosten naar 1.200 à 2.600 euro per jaar. Het verschil zorgt ervoor dat de aanschaf en installatie zich relatief snel terugbetalen.”
Schaarste aan materiaal en monteurs
Het kabinet streeft naar één miljoen geïnstalleerde warmtepompen in de bestaande bouw in 2030. Dat is volgens Agterberg een forse uitdaging. “Er is nog steeds een tekort aan installateurs en materialen. Gemiddeld moeten klanten nu een half jaar wachten. We werken er hard aan om de achterstanden in te halen en onderzoeken met de overheid hoe we meer productie in Nederland kunnen opzetten.”
Positieve vooruitzichten
Voor de periode 2026–2030 trekt het kabinet jaarlijks 150 miljoen euro extra uit, naast de bestaande ISDE-subsidie. Volgens berekeningen van het Economisch Instituut voor de Bouw is er tot 2030 echter nog een tekort van 2,7 miljard euro. Toch blijft Agterberg optimistisch: “De vraag naar warmtepompen stijgt razendsnel. Er zijn tekorten, maar de productie wordt opgevoerd. De warmtepomp is gewoon een sterke businesscase – ook de markt zelf kan investeren in de verdere opschaling.”










